Nieuwe pagina 1
© copyright Rob Essers, Internetbewerking; Henk Kersten/Stichting Noviomagus.nl

28 december 1916

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Nederland neutraal. De noodlanding van een Duits militair verkenningsvliegtuig op het dak van een huis in de Fortweg nummer 259 in Nijmegen was dan ook landelijk nieuws. De Fortweg kreeg in 1923 de naam Tooropstraat en de huisnummering is in de loop der jaren meer malen gewijzigd, maar het “bierhuis” bestaat nog steeds.

“Een Duitsche tweedekker geland.
De Duitsche tweedekker, die gisternamiddag op het dak van een bierhuis aan den Fortweg te Nijmegen is terchtgekomen, is in zeer ontredderden toestand naar het vliegkamp te Soesterberg vervoerd. De bemanning, luitenant van der Beek en de onderofficiervlieger Heijartz wordt naar het interneringskamp te Bergen gebracht.”
(Nieuwe Rotterdamsche Courant, 29 december 1916, ochtend, p. 1)

“EEN DUITSCHE VLIEGMACHINE GELAND
Gistermiddag moest een Duitsche oorlogsvliegmachine, boven de Prins Hendrik-kazerne te Nijmegen vliegende, wegens het in brand raken van den motor een noodlanding doen. De machine kwam terecht op het dak van een huis aan den Fortweg. Het dak werd gedeeltelijk ingedrukt en van een naast het huis staanden boom brak de kruin. De machine was ernstig beschadigd. De twee inzittende, van wie een officier, drager van het IJzeren Kruis 1ste klasse, waren ongedeerd. Dadelijk na het dalen werden de inzittenden door eenige honderden militairen omringd en naar het garnizoensbureau overgebracht. De machine werd onder militaire bewaking gesteld.
Nader wordt nog gemeld, dat dit de tweedekker B. 1027 was en dat de inzittende personen waren de vlieger-onderofficier Heyartz en de waarnemer-luitenant Von der Beek.”
(Leidsch Dagblad, 29 december 1916, p. 1)

“Een Duitsche vliegmachine tengevolge van een defect aan den motor terecht gekomen op een woning aan den Fortweg te Nijmegen. Door deze noodlanding werd in het dak een groot gat geslagen en een boom ernstig beschadigd; de beide aviateurs, van welken één het IJzeren Kruis droeg, bleven ongedeerd. De foto hierboven doet duidelijk zien de beschadigingen aan huis en machine; deze is naar Soesterberg vervoerd.” (De Prins der Geïllustreerde Bladen, 6 januari 1917)

“Het gelande Duitsche vliegtuig.
De Duitsche tweedekker, welke gisteren noodgedwongen met een onstuimig geweld, kennis maakte met den Nederlandschen neutralen bodem, is reeds opgeruimd. De areoplane zag er na den val zoo gehavend uit en was zoo zwaar beschadigd, dat aan dadelijk herstel niet te denken viel. Het vliegtoestel is dan ook – na verder gedemonteerd te zijn – naar het Nederlandsche vliegkamp te Soesterberg overgebracht, waar de Duitsche machine hersteld zal worden, om daarna op de Soesterbergerheide op het einde van den oorlog te wachten, onder de veilige bewaking van Nederlandschen landsverdedigers.
Blijkens opnamen werd niet slechts de motor, maar zijn ook beide vleugels – waarop prat de zwarte ijzeren kruisen pronkten – zwaar beschadigd. Als gebroken wieken hingen de draagvlakken aan flarden langs den voorsteven.
Het huis waarop het Duitsche vliegtuig neerplofte, is eveneens leelijk gehavend en draagt de leelijke sporen van de botsing op het dak, dat blijkens geheel is ingedrukt.
De Duitsche regeering is hier de verantwoordelijke rechtspersoon, op wie de plicht van schadevergoeding rust, welke dan ook wel niet zal uitblijven, al zal de eigenaar eenigen tijd geduld moeten oefenen, daar officieele schadevergoedingen meestal – vooral nu in oorlogstijd – niet spoedig afgeschoven worden.
Volgens ooggetuigen wilde de bestuurder van de aeroplane, toen zich deze boven het uitgestrekte Molenveld bevond, zich oriënteren. Toen de observateur evenwel de kazerne van het Ned.Indische leger in het vizier kreeg, bekroop den bestuurder blijkbaar zekere angst voor interneering.
Hij probeerde zijn toestel dan ook nog een anderen kant uit te sturen, doch kon het onhandelbare toestel blijkbaar niet voldoende meer beheerschen, met het gevolg, dat de tweedekker op het huis van G. neerplofte, na eerst een korte spiraal-glijvlucht gemaakt te hebben; de laatste tientallen was het geen “volplané” meer, doch leek het eerder een reddeloos neervallen.
De inzittenden, de luitenant Van der Beek, drager van het ijzeren kruis en de onderofficier-vliegenier Heyartz liepen gelukkig geen verwoningen van eenige beteekenis op; een enkele schram was alles wat zij van het débacle opliepen.
De beide Duitschers, die ’s middags te Kleef waren opgestegen, deelden zelf mede, dat zij langs den Rijn naar Wezel wilden vliegen. Zij namen echter een verkeerden “hemelweg”en vlogen de Waal na in plaats van den Rijn. Toen de vergissing bemerkt werd, besloten zij , teneinde zich te oriëenteren, een landing te doen. Eerst wilden zij dalen op het exercitieterrein aan den Groesbeekschen weg, doch stegen weder een weinig bij het zien van de Prins Hendrik-kazerne. De machine vloog laag over het Molenveld, en kwam tegen het huis, gelegen aan den Fortweg no. 259, bewoond door Goossens. Een boom, staande voor dit huis en het aangrenzend café “Veldzicht” van Kokke, brak den eersten stormloop van den tweedekker, welke in tweeën gespleten werd. De machine sloeg een groot gat in het dak van het huisje, terwijl het toestel zelf zwaar beschadigd werd. De schroef was geheel, de vleugels waren gedeeltelijk afgebroken.
Een ooggetuige vertelde nog aan den corr. van “de Tel.”:
Duidelijk hoorden wij omstreeks half één het gesnor van een motor vlak boven ons huis. Naar buiten loopende, zagen wij een vliegmachine, – die we dadelijk als een Duitsche herkenden, door de zwarte kruisen – groote bochten beschrijvende op het uitgestrekte bouwland vóór onze woning. Met groote snelheid bewoog de machine zich voort, ofschoon er toch iets aan den motor scheen te haperen. Later vernamen we, dat de Hollandsche grenswacht het toestel beschoten heeft.
Het toestel was bijna op den grond aangekomen, toen de motor plotseling scheen door te werken, want de machine verhief zich weer, maar niet voor langen duur, want de bestuurder scheen haar niet over de daar staande huisjes heen te kunnen krijgen. Met een harde slag sloeg het toestel tegen het dak van een klein cafétje, en viel met een plof op de grond. Door twee Hollandsche officieren, den kapitein Pieper en den luitenant ter zee Gregory, werd den inzittenden het ontsnappen onmogelijk gemaakt. Zij werden onder geleide van den kapitein naar de in de buurt liggende kazerne van het Ned. Ind. leger gebracht.
De beide inzittenden, een luitenant en een onderofficier, beweerden dat zij niet wisten op Hollandsch grondgebied te zijn geland. Ze waren verheugd er met den schrik te zijn afgekomen. Het toestel ziet er nogal gehavend uit, doch de motor schijnt niet ernstig beschadigd.
Gisterenavond trok in het sigarenmagazijn “Viribus Audax” van den heer Joh. van den Ham een photo van het vernielde vliegtuig de aandacht van honderden. De opname geeft een duidelijk beeld van de vliegmachine-ruïne.”
(De Gelderlander, 30 december 1916, p. 3)

Mogelijk gaat het bij de foto in het sigarenmagazijn “Viribus Audax”, Molenstraat 5, om dezelfde foto gaat als in De Prins der Geïllustreerde Bladen van 6 januari 1917, waarop het vliegtuig te zien is met op de achtergrond Fortweg 259 (links), bewoond door Goossens, en rechts daarvan het aangrenzend café “Veldzicht”, Fortweg 261, van Kokke.

Het toestel was een militair verkenningsvliegtuig van het type Rumpler B.I, in 1914 ontworpen door de vliegtuigbouwer Edmund Rumpler (1872-1940), met een 100 pk motor, nr 19051, van Mercedes; zie onderaan http://www.wwiaviation.com/German_2seaters1914.html  en http://www.wwiaviation.com/popup/Rumpler_B-I.html.

café de Duitsche vlieger
Uit een advertentie in De Gelderlander van 31 oktober 1921 (p. 3) blijkt de naam van het café gewijzigd is in de Duitsche vlieger. Tijdgeestbriefjes zijn loten van de N.V. "De Tijdgeest", Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Zaken te Rotterdam.

 

1930
Op 23 september 1930 wordt de heer W. van de Logt vergunning verleend voor het verbouwen van een café aan de Tooropstraat no. 277. Op de bouwtekening staat de bestaande voorgevel waarop de bebouwing op de foto uit 1916 duidelijk herkenbaar is.

Bron: digitale bouwarchief

Het gebouw links van het café heeft kort daarop plaatsgemaakt voor de bouw van een winkelhuis met bovenhuis en twee stallingen waarvoor op 30 oktober 1931 vergunning is verleend. In 1935 wordt het café dat inmiddels huisnummer 221 heeft aan de achterzijde uitgebreid. 

Het adres Tooropstraat 221 is sindsdien niet meer gewijzigd. Het café dat in de loop der jaren diverse namen gehad heeft, heet tegenwoordig Café-Bar De Toorop. De gewijzigde gevel uit 1930 is nog altijd herkenbaar; zie Street View

Rob Essers

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: