St.Jansschool

© copyright Cees de Vos, Digitale bewerking; Henk Kersten/Stichting Noviomagus.nl

St. Janschool - Meester van Steen

"Het terugkeren in het verleden is een verschijnsel dat mensen op mijn leeftijd bezig houdt.” Ook mij overkomt dit, het geeft me bij het schrijven veel voldoening. In de loop der jaren heb ik reeds het nodige aan het papier toevertrouwd, lees o.a. via Google “Het Vossennest” en “Kerstviering in Nijmegen”: het is de geschiedenis vastleggen voor het nageslacht voor zover men geïnteresseerd is…!....?” Mijn kinderjaren heb ik lief, inzonderheid de schooljaren. Bij het schrijven van het verhaal “Het Goffertpark” voor www.noviomagus.nl kwam de ”St. Jansschool” zijdelinks ter sprake n.a.v. een bezoek in 2001 aan oud ‘bovenmeester’ W.A. van Steen van de St. Jansschool. Het bracht mij op het spoor om de ‘Bewaarschoolperiode’ aan de Dobbelmannweg en het lageronderwijs aan de ‘ St. Jansschool’ aan de Groenestraat op te schrijven. 

Klik hier als u een reactie wilt geven op deze pagina of die van anderen wilt lezen.

De Congregatie: “Dochters van Onze Lieve Vrouw” of wel “Compagnie de Marie Notre Dame.”

afb 1. In het midden de ‘ Bewaarschool ’ aan de Dobbelmannweg. Links de Groenestraatskerk en Noviciaat - Rechts de meisjesschool “Johanna de L’Estonnac”

afb 2. Foto links: In het midden de ‘ Bewaarschool’ Links ‘n gedeelte van het Noviciaat. Rechts de meisjesschool “Johanna de L’Estonnac “

afb 3. Foto rechts: “Het Noviciaat” Elke ‘eerste vrijdag’ van de maand verzamelden zusters en leerlingen zich rondom het ‘Heilig Hartbeeld’ dat op een sokkel midden op het schoolplein stond. Jarenlang is er gebouwd en verbouwd aan dit complex van scholen. De zusters hebben zich inmiddels teruggetrokken.

“De bewaarschool” 

De licht verzonken “donkerbruin gelakte brede voordeur” met erboven een halfcirkelvormige ruit onder het beeld van “Onze Lieve Vrouw” hoog in de gevel, boezemde mij als kleuter van net vier jaar elke morgen bij aankomst een panische angst in. Mijn oudste zus (vast ook wel eens door ons mam…) droeg mij in de vroege ochtend, voordat zij een deur verder naar de meisjesschool “Johanna de L’Estonnac“ ging, over aan een non in de deuropening. Jarenlang achtervolgde mij het beeld van ‘die deur’ waarachter ik mij, vaak in tranen, voor ruim 2,5 jaar ‘opgeborgen’ voelde.

In de loop der jaren ontstond links van dit complex een ‘Noviciaat’ (proeftijd v. kloosterlingen) en rechts de school “Johanna de l’Estonnac “. Aan het eind van de jaren dertig beheerden de nonnen een:

- Bewaarschool 
- Lageronderwijs 
- MULO-school, 
- Huishoudschool
- Handwerkschool. 

In die tijd werd mede op kosten van kerk en nonnen de Dobbelmannweg aangepast.

Johanna de L’Estonnac

De heilige Johanna de L’Estonnac (Bordeaux * 1556 - Bordeaux † 1640) was een Franse weduwe. Johanna was in 1576 gehuwd met Gaston de Montferrant, baron Landiras, en werd moeder van zeven kinderen, waarvan twee geestelijke werden. Op haar 41ste werd zij weduwe en beheerde zij zelf de zaken van het landgoed en het kasteel. Toen zij meende dat zij voldaan had aan haar verplichtingen tegenover de wereld, trad zij op haar 46ste toe tot een gemeenschap van cisterciënzers (kloosterorde) in Toulouse. Zij bleek echter niet opgewassen tegen de ontberingen van de strenge kloosterregels, werd ernstig ziek en wou sterven in het klooster. Dit werd door haar overste echter afgewezen. Op haar laatste nacht in het klooster kreeg zij een visioen van Maria die een beeld voorhield van Johanna die verdwaalde kinderen hielp. Johanna keerde terug naar haar landgoed en begon deze werkzaamheden op te zetten met plaatselijke vrouwen en priesters. Dit leidde tot de oprichting van de “Zusters van het gezelschap van Maria”, met als doel de opvoeding van meisjes en het afremmen van het calvinisme. (Protestantse Christendom) De congregatie werd door paus Paulus V in 1607 erkend. Johanna werd in 1610 als overste verkozen. De congregatie heeft thans 2.500 zusters, verspreid over 17 landen. Johanna de L’Estonnac werd in 1900 zalig verklaard door paus Leo XIII. De heiligverklaring door paus Pius XII volgde in 1942. Haar feestdag is op 2 februari. Zij wordt aangeroepen door misbruikte personen, weduwen en door personen die geweigerd worden in het klooster.

afb 4 en 5. “Het fröbelen bij nonnen.”

De “Congregatie Dochters van Onze Lieve Vrouw” of zoals ze van oorsprong heette “Compagnie de Marie Notre Dame”, kwam via Oss naar Nijmegen om het onderwijs voor meisjes in de nieuw gestichte parochie aan de Groenestraat op zich te nemen. Deze Franse Orde in Bordeaux was door Jeanne de L’Estonnac gesticht met als doel het opvoeden en onderwijzen van meisjes. Zuster Huberta toont op onderstaande foto, die in de kloostertuin is genomen, hoe de zusters aan de Dobbelmannweg vroeger gekleed gingen. 

afb 6. Foto: Zuster Huberta.

 

De Katholieke jongensschool de “St. Jan” aan de Groenestraat 227 in Nijmegen 1920 – 1980

Op 05 november 1920 werd de eerste steen gelegd door pastoor v/d Groenestaatskerk J.L.Mulekom.
Op 06 mei 1921 volgde de opening en inwijding eveneens door pastoor J.L.Mulekom.

afb 7. Foto 1950. St. Jansschool. Het Schoolplein en de Lindebomen. Dierbare herinneringen uit onze kinderjaren.

De lesuren: In de ochtend van 09.00 tot 12.00 uur. In de middag van 14.00 tot 16.00 uur. Woensdagmiddag en zaterdagmiddag vrij.

In mijn schooltijd:
- Linksonder - voorzijde de klas van hoofdmeester van Steen.
- Rechtsonder - voorzijde de vergaderruimte van de onderwijzers. 
- Linksboven - voorzijde de klas van meester van Reen.
- Rechtsboven - voorzijde de klas van meester Courbois.
- Het beeld van ‘ Sint Jan’ (van Johannes de doper…) in het nisje onder het kruis.

Spelletjes op het schoolplein.

- In het voorjaar van de lindebloesem sjekkies draaien en er hoofdpijn aan overhouden.

- Tollen met een zweepje

- Draaitollen. Een touwtje strak om de draaitol winden. Deze ‘combinatie’ van je af werpen en proberen de draaitol van je schoolvriendje te doen splijten. Grote pret.., en soms verdriet…!

- Voetballen met een papieren bal, gefabriceerd van nat papier bij elkaar gehouden door reepjes elastiek, geknipt van een oude fietsbinnenband. De eeuwige strijd met ‘de buur’ links van de school “mevrouw Seelen”. Als de bal weer eens in haar tuin belandde was de vaste afspraak: “Is de bal over, eerst mevrouw Seelen vragen en daarna de bal halen! ” 

- Op ’n tegel of aarde met 3 steentjes en 3 stokjes het spel spelen: ‘Boter, kaas en eieren’

- Tikkertje spelen, o.a. om de lindebomen.

- ‘Haasje over’

- Knikkeren met veel soorten knikkers zoals: Krieltjes, stuiters, lodders, beuken, zware looiers, mini looiers en…., kalk-knikkers. ‘Kalk-knikkers’, de kneuzen onder de knikkers, o zo makkelijk te verpulveren met een zware looier. 

- Klepperen met twee houten kleppers daar bij zingend het liedje: “Hoor je wel mijn kleppers gaan….”

- De Katapult. Elke stoer voelende St. Jan-schooljongen had zo’n werktuig. Onder geen beding mocht je het ‘op school’ in bezit hebben. Menig schiettuig is ingenomen door de leerkrachten. Wat er mee gebeurde weet ik niet, mogelijk vernietigd.

- ‘Bok bok bok hoeveel horens…?’ Een jongen was de bok en moest gebogen tegen de muur (of staande jongen…) staan en twee (of meer…) daar achter in volgorde ook gebogen. Een vierde jongen sprong dan over de rij van drie jongens en wrong zich naar voren tot op de rug van de eerst gebogen jongen. De vijfde en zesde sprongen resp. op de tweede en derde. De voorste van de drie jongens ‘boven’ stak een aantal vingers op en vroeg dan aan de jongen onder hem: “Bok, bok, bok, hoeveel vingers steek ik op…?” Als de ‘gebogen bok’ het raadde diende de zittende ‘de bok’ te worden. Maar er kon ook vreselijk mee gesjoemeld worden als de omstanders in het complot zaten, waardoor de bokken langer dan nodig ‘voor bok’ stonden

afb 12. Pieter Bruegel 1520 - 1569. ‘Kinderspel’ 
Zoek o.a.: ‘ tollen’, ‘haasje over’ , ‘knikkeren’, Bok bok bok hoeveel horens rechts onder en veel meer…. 

- Ook een leuk ‘spelletje om je maag goed gevuld te krijgen’ was: In de oorlogsjaren zo nu en dan gebruik maken van de zgn. “gaarkeuken “ in “De Haard” aan de Groenestraat. Ook deden we spelletjes in dat gebouw als pingpong, kaarten en sjoelen.

afb 13. ‘De Haard’

Herinneringen.

- Schoolmelk in een ¼ liter melkflesje met een rietje en soms een sinasappel die ik altijd meenam naar huis om aan mama te laten zien. “Wat een gelukzalig feest in die tijd voor ons kinderen ….!”

- Het sparen van zilverpapier voor de ‘Missie. In het zilverpapier zat stanniool (of bladtin) , een zeer dun gewalst tin. Dat bracht geld op. Het inzamelen van zilverpapier stamt uit het begin van de 20ste eeuw. Eind jaren vijftig is het gebruik verdwenen. De afsluitdekseltjes van het ¼ liter melkflesje werden door ons trouw verzameld…! 

- Ouwel of eetpapier. (Ongedesemd brood) Was per vel te koop voor een paar centen in een banketzaak niet ver van de St. Jansschool aan de Willemsweg. Kochten we voordat de school begon. Het had ‘t formaat van een kleine A4. Ik dacht in verschillende smaken…? De H. Hostie bij de katholieken is er ook van gemaakt, het wordt liggend op een ‘pateen’ (zilveren schaaltje) in de kerk door de priester aan de gelovigen aangeboden. (In mijn tijd op je tong, vandaag de dag op je hand….)

- Meester van Steen die vanaf zijn huis aan de Groenestraat 30 aan komt fietsen, even afstapt om de Groenestraat over te steken om bij het smeedijzeren hek met de enge punten weer op te stappen, vervolgens fietsend het plein in de lengte oversteekt en als laatste handeling links van de school in het fietsenhok zijn tweewieler opbergt. 

- Hoe de meesters en de juf in de ochtend tijdens het speelkwartiertje om half elf hun ‘heen en weer loopje’ deden op de wijze van: Naast elkaar lopend vanaf de schooldeur richting het smeedijzeren hek aan de Groenestraat en weer terug tot aan de deur. En dat zo’n keer of tien. 

- Het opstellen in rijen voor het ‘ter lessen’ gaan nadat bovenmeester van Steen de schoolbel heeft geluid. 

- De brede schooldeur, verdiept in het portiek met de naam van de school erboven.

- De spannende Schoolplaten in de klaslokalen van Cornelis Jetses 1873-1955 en Johan Isings 1884-1977

- Het Schoolzwemmen aan de Beethovenstraat. Werd door de gemeente voor de hoogste klassen betaald. Het was zeker drie kwartier lopen naar het Sportfondsenbad wat zingend in marstempo gedaan werd.

- Bezoek van de Tandartswagen of ‘ Folterkamer ‘ op het schoolplein.

Tekst van meester W.A. van Steen op de wijs: ♫♫♫ Kom naar buiten allemaal …. ♫♫♫

De tandarts wagen in de stad,
wij hebben de eerste beurt gehad.
Op onze speelplaats staat hij stil,
het lijkt wel een duiventil.
Kom op met boor en tang,
de tandarts, hij leven lang. 

Hoor je wel mijn kleppers gaan? 
‘k Heb ‘t toch geleerd, 
‘k Kreeg ‘t bijna niet gedaan, 
Al maar geprobeerd; 
Klepperde, klepperde klep klep klep, 
Klepperde, klepperde klep klep klep, 
‘k Ben zo blij, dat ik, ‘k ben zo blij, dat ik, 
‘k Ben zo blij, dat ik ze heb. 
Klepperde, klepperde klep klep klep, 
Klepperde, klepperde klep klep klep, 
‘k Ben zo blij, dat ik, ‘k ben zo blij, dat ik, 
‘k Ben zo blij, dat ik ze heb. 
Moeder vindt het toch zo’n kruis 
‘t Maakt zoveel kabaal; 
Al dat leven hier in huis, 
‘t Is heus een schandaal. 
Klepperde, klepperde klep klep klep ... 
Daarom ga ik maar op straat, 
met mijn vriendje Piet. 
Heerlijk, klepp’ren op de maat, 
geen heeft dan verdriet. 
Klepperde, klepperde klep klep klep ... 

A. Frank

afb 15. Foto: Het schoolteam van voor de Tweede Oorlog.

F.H. Dekkers (Hoofd na de inwijding op 06 mei 1921)
De dames: 
L.Kieviets
Mies Dekkers (dochter van F.H.D.) Leuk plooirokje en schoentjes met schattige riempjes.
De heren:
Binnendijk
E. de La Ruelle
H.Courbois
Th. Albers
Th. Scheurs

 

De meester en de leraar.

“Niet voor de school maar voor het leven leren wij.” Wie dat op school niet heeft geleerd, zat allicht te veel uit het raam te kijken: dat zelfde leven in. Toch zullen we ons later vooral onze schooltijd herinneren, of nog specifieker: de meesters en de leraren. Meesters en leraren zijn voor de leerlingen wonderlijke wezens. Het beeld van de lesgever is sterker dan dat van de mens er achter. Door geen bloedband met ons verbonden voeden zij ons desondanks op. Hun gezag rust deels op “onze onbekendheid met het leven”. De puber wreekt zich op zijn ouders, niet op zijn meester of leraar. Ouders staan bloot aan onze dagelijkse inspectie van hun zwakheden. Meesters en leraren daarentegen bewegen zich een jaar of zes in je leven en verdwijnen na hun onderwijzende werk te hebben verricht in het onbekende. Óp een enkele na….!

Rob Schouten
Dagblad Trouw 27- 09 ’08.

afb 16. Schoolklas uit 1890…!  -  afb 17. St. Jansschool - Klassenfoto uit 1925. Juf en Meester…. ?

afb 18. St. Jansschool - Klassenfoto uit 1930. Meester…?  -  afb 19. St. Jansschool..? - Klassenfoto uit 1935. Meester..?

afb 20. Schoolfoto ‘St Jan’ gemaakt bij gelegenheid van het 25 jarig bestaan der St Jansschool 1921 - 16 mei - 1946.

Klik op de foto voor een groter formaat! V.l.n.r.: 
Links, Hoofd der school de Heer Puts en Mies Dekkers met fraaie hoed.
In het midden, links Hrn. Courbois, rechts de La Ruelle.
Rechts, van Reen, Jans en van Groenestijn.
De heer in het midden tussen meesters Courbois en de La Ruelle herken ik niet.
Mogelijk - gezien het boortje - is het pastoor Strijbosch van de Groenestraatskerk

afb 21. Onderwijzers in de jaren 1941 - 1948. (Mijn schooltijd…)
v.l.n.r.
Meester La Ruelle. (Vijfde klas)
Meester Jans. (Eerste klas)
Juffrouw Mies Dekkers (Tweede klas)
Meester J. van Groenestijn (Zesde klas)
Hoofd der school W.A.van Steen (Zevende klas)
Meester van Reen (Derde klas)
Meester Coubois (Vierde klas
Meester Boekhorst. (Deze onderwijzer heb ik niet gekend..!)

Meester Jans

Als je als knaapje van zes jaar komend van ruim twee jaar Bewaarschool bij de nonnekes der “Congregatie van Dochters van Onze Lieve Vrouw” aan de Dobbelmanweg, waar je bezig gehouden werd met fröbelen als: matjes vlechten van reepjes kleurrijk glimmend papier en diverse rondjes ook in kleur met Gluton-lijm (de lucht ervan vergeet ik nimmer…) plakken op blaadjes kleurpapier, je je opwachting maakt op het ruime schoolplein van de St. Jansschool aan de Groenestraat 227 gevuld met een legioen aan spelende voor jou totaal vreemde jongens groot en klein en voorgesteld wordt aan de meester der eerste klas meester Jans van ‘De Grote School’ gaat er een wereld van ongemak en spanning door je jongenslijf, het was dan ook een hele troost dat mijn mama me bracht en me overgaf aan meester Jans van de eerste klas. 
Mijn eerste gedachte was: “Hé, da’s ook toevallig, meester ‘Jans van de St. Jansschool’, zou dit reuze gebouw van hem zijn….?, dan moet het wel een belangrijk en rijk man zijn die ik als ‘eerste meester’ krijg !” De klas van meester Jans bevond zich gelijkvloers rechts van de hoofdingang achter de vergaderruimte van de meesters. Een overweldigend gevoel van heimwee naar mijn mam overviel me toen ik van meester Jans mijn plaats in het houtenschoolbankje naast een andere jongen kreeg toegewezen met de wetenschap dat - als alles goed verlopen zou - ik daar voor een jaar aan vast gebakken zat: vijf dagen in de week en de zaterdagmorgen. Oké…, de woensdagmiddag hadden we vrijaf.

“Het leren op de Grote School is de eerste voorzichtige kennismaking met de Grote Mensenwereld.”

De eerste lessen bij meester Jans gebeurde o.a. met het leesplankje met daarop de namen aap – noot – mies – wim en ….kees etc… Ik werd in de klas meteen al snel bekend als ‘kees van het leesplankje’. Ook de eerste lettertjes en cijfertjes mochten we schrijven met een potlood en erna met de ‘kroontjespen’, moest wel precies tussen de lijntjes wat in den beginnen een geklieder van jewelste gaf.

afb 23. ‘Het leesplankje’ met: aa p - n oo t - m ie s - w i m etc…… Fröbellijm

Meester Jans was een charmante sportieve man met glad naar achteren gekamd blond haar wat zo te zien elke morgen na het scheren even verstevigd werd met de nodige Brylcream. Als hij boos werd kon meester Jans goed uit zijn slof schieten, een verbasterde vloek uitte hij dan in de vorm van: ”Snotverredomme….!” 
Tijdens de trouwmis op 17 maart 1990 van meester Wim van Steen met zijn tweede vrouw Corrie Vermeeren in de Groenestraatskerk ontmoette ik meester Jans weer. Ik haalde voor hem zijn ´Snotverredomme´ weer even voor boven water. Met een blik van herkenning kreeg ik van meester Jans als antwoord: “Dat je dit na zoveel jaren nog weet…..!”

afb 24. Schoolkaart Isings “Aankomst Willem I te Scheveningen in 1813” - afb 25. Schoolplaat Isings “Op de Dam” Amsterdam

Mies (je) Dekkers.

Bij Juf Dekkers in de tweede klas leerde wij de eerste eenvoudige sommetjes maken, de eerste woordjes in zinnetjes lezen. Haar klas bevond zich linksachter van de hoofdingang belendend aan de klas van Meester van Steen. Er was een verbindingsdeur naar de klas van meester van Steen, zo konden beiden leerkrachten toezicht houden op beide klassen als een van hen voor een uurtje afwezig was. Mies Dekkers was streng en haar handjes ´liefkoosde´ je oortjes nog wel eens als je stout was en zij uit haar goede doen. We maakten het er ook wel eens naar…! Juf Mies had de ‘eigen-aardige gewoonte om wijdbeens op het opstapbankje met haar rug naar het schoolbord te gaan zitten zodat wij als maagdelijke knaapjes van zeven jaar ruimzicht hadden op haar ‘ stieve onderboks met zedig afgedekte piepkes’. Om het jaar wisselde Juffrouw Dekkers haar tweede klas met de eerste klas van meester Jans. Het verhaal gaat dat juf Mies als vrijgezel een beetje verkikkerd was op de getrouwde meester Jans. Of dat wederkerig was weet ik niet. Die Miesje toch….  Juf Mies Dekkers maakte heel haar onderwijsleven door op de St. Jansschool,

afb 27. Klassenfoto met Mies Dekkers

afb 28. Schoolkaart Jetses. “Op het land”  -  afb 29. Jetses: “Ot en Sien”

afb 30. Schoolkaart Isings. “De tijd van de trekschuit en diligence.” - afb 31. Schoolkaart Jetses. “Op de heide.”

Meester van Reen 

Meester van Reen vond ik een wat vreemde man. Zijn derde klas was op de eerste verdieping linksvoor met uitzicht op het schoolplein. Bij hem leerde we de “tafels” in koor opdreunen: 1x3=3 - 2x3=6 - 3x3=9 enz…Gezien er heden ten dage slecht gerekend wordt, zoals ik links en rechts wel hoor, zouden ze deze ‘ouderwetse maar goede methode’ maar weer uit kast moeten halen: “erin stampen” heet dat. Vandaag de dag wordt het roken in de ban gedaan, voor meester van Reen was het sigaretje een noodzakelijk kwaad en geen mens die zich daar in de jaren ’40 druk om maakten, zijn leerlingen zeker niet. Ze zouden het niet durven. Meester van Reen kon wel eens snel aan de kook raken en als een zijner leerlingen zich misdroeg kreeg deze een krijtje zijn kant gegooid en soms de bordveger. Je diende het ‘projectiel’ dan naar de meester terug te brengen waarnaar je van hem een geduchte afstraffing incasseerde middels tikken met een houten meetlat op je hand. “Daar zou u vandaag niet meer mee wegkomen meester van Reen….!” Verder vond ik het bij meester van Reen best uit te houden. Kwestie van aanpassen.

afb 33. Schoolreisje…?, met meester van Steen, van Reen , Boekhorst, en Courbois.

afb 34. Schoolplaat van Jetses. “Het hooien.”   -  afb 35. Schoolplaat Jetses. “Schelpen verzamelen.”

Meester Courbois 

De fanatiek pijprokende Meester Courbois had de vierde klas op de eerste verdieping, rechtsvoor met evenzo uitzicht op het schoolplein. Meester Courbois, de man met die Frans klinkende naam, woonde in een chique huis aan de deftige St. Annastraat. In mijn kinderjaren had mijn vader naast zijn werk bij de chocoladefabriek van Dungen een bijbaantje bij de Gelderlanderpers. Wij, vaderskinderen, hielpen soms een handje mee met de kranten in de bus doen en zodoende kwam ik wel eens ‘aan de deur’ bij meester Courbois. Op een zaterdagmiddag trof ik hem aan huis en maakte een praatje met hem. Best spannend en interessant vond ik dat. Wat leerde wij bij meester Courbois: ik dacht breuken en de eerste beginselen van de grammatica en het spellen van woorden. Vanwege het vele pijproken was meester Courbois wat amechtig geworden en zocht een oplossing: “ Och meneer van Steen zuchtte hij, geef mij de tweede klas maar, dan hoef ik die verrekte trap niet meer op ..!” Voor mij was meester Courbois van de vierde klas een reuze aardige man.

afb 37. Schoolreisje met de meesters Courbois (met alpinopet en tas in de hand ) Verder meester van Groenestijn en Jans. De meest rechtse heer (meester..?) met alpino ken ik niet. Wie wel….? Waar en wanneer is deze foto gemaakt…?

afb 38. Klas vier met meester Courbois. 
Op deze klassenfoto is "mogelijk...?" op de achtergrond een gedeelte van het Aloysiusgebouw te zien

afb 39. Schoolkaart Isings. “Overwinteren op Nova Zembla.” - afb 40. Schoolkaart Jetses. “In de wei.”

Meester de La Ruelle 

De donkerogende wat gedrongen kleine meester de La Ruelle had de vijfde klas op de eerste verdieping linksachter. Hij moet wel Franse voorouders hebben gehad. Meester de La Ruelle, die een verbindingsdeur naar de klas van meester van Reen had, was een zachte bedeesde man. Je kon een potje breken bij hem. Bij deze meester leerden we natuurkundige proeven waarvan de proef met de stalen bol mij altijd is bijgebleven. De meester nam een stalen ring en een stalen bol en liet zien dat de bol ruim door de ring kon zakken. Vervolgens maakte hij de bol met een gasvlammetje warm waardoor de bol door uitzetting een tikkeltje groter zou gaan worden….? Daar stonden wij met open mond naar te kijken: de bol kon na de behandeling inderdaad niet meer door de ring. Later bij mijn verdere studie leerde ik dat dit te maken had met de “uitzettingscoëfficiënt”.
De uitzettingscoëfficiënt van een materiaal geeft de temperatuursafhankelijkheid van de dichtheid aan. De meeste materialen zullen bij het opwarmen uitzetten (positieve uitzettingscoëfficiënt): bij een hogere temperatuur trillen de moleculen sterker, waardoor ze aldus een grotere ruimte innemen. Het volume stijgt…!

afb 42. Klassenfoto 5e klas van meester de La Ruelle.

afb 43. Klas vijf met meester de La Ruelle.

afb 44. Schoolplaat Isings. “In de middeleeuwen.” - afb 45. Schoolplaat Jetses. “In het veld.”

Meester van Groenestijn 

De zesde klas rechtsachter op de eerste verdieping was het domein van meester Groenestijn. Ook hier weer een verbindingsdeur naar de klas van Courbois. Onderwijzer Groenestijn was voor zover ik me dat herinner de enige onderwijzer met een nickname:“Veldmuus”, dit vanwege zijn wat spitsmuisneuserig voorkomen. De man was gek van muziek en speelde viool. Bij speciale gelegenheden gaf hij acte de presens met zijn prachtig instrument. Een en al trots straalde hij uit tijdens het spelen. Het lag dan ook in de lijn dat meester Groenestijn zijn hobby - daar was niet aan te ontkomen…! - graag wilde delen met zijn pupillen in de vorm van het mooiste instrument wat er bestaat ‘de menselijke stem’. Een geliefd lied van meester Groenestijn had iets met ridders van doen. Het klonk ongeveer zo: 

Zij rennen met messen langs de baan,
ze hebben stalen kleren aan, 
zij rennen met messen langs de baan,
Doedelerom bom bom. 

Iezegrim Iezegrim 
Doedelerom bombom bombom
Iezegrim Iezegrim, 
doedelerom bom bom.

Bij het woord “Iezegrim” scandeerde wij in koor: ”Vieze hingst, vieze hingst ”, Doedelerom bombom bombom. En dat vond ons serieuze muzikale Veldmuuske niet leuk…! Verder was het best een aardig menneke.

afb 47. Meester van Groenestijn met Z.H. deken Teurlinks.

afb 48. Schoolplaat Jetses. “Het volle leven.” - afb 49. Schoolkaart Jetses. “Het oogsten” 

Bovenmeester W.A. van Steen 

In het jaar 1947 was ik een der leerlingen van hoofdmeester W.A.van Steen in zijn zevende klas. (Bestond in die tijd nog: twee jaar ‘Bewaarschool’ en zeven jaar ‘Lagere School’…!) Meester van Steen, prachtige Sint Nicolaas. Kerst, en Paas krijt-tekeningen maakte hij op de achterkant van het rechtse driedelige schoolbord. Het bord draaide hij op een uitgekiend moment om, om bij ons knaapjes van twaalf jaar een gemeenschappelijk ohhhhh te ontlokken. Hij kon boeiend vertellen; over Mozes in het rieten mandje, over de bruut Herodes 63 v. Chr., de barre reis van de Heilige Familie op zoek naar een droog onderkomen in het stadje Nazareth voor de bevalling van kindje Jezus, en over de engelen Gabriël, Rafaël, Michaël en Lucifer, je hing aan des meesters lippen, hij gezeten achter zijn verhoogd lessenaar - met uitkijk op het schoolplein naar eventuele ‘laatkomers’ - wij getweeën op één houten schoolbankje met bruin gelakt schrijfblad waarin twee inktpotjes met afdekschuifje verdiept in het boven/midden van het bovenblad. De laatste zestien jaar na zijn rijke werkzame leven - 46 jaar stond ‘meester van Steen’ voor de klas bij drie verschillende scholen - heb ik het genoegen gehad een van zijn vast bezoekende oud-leerlingen te mogen zijn van de meer dan duizend die hij pedagogisch heeft begeleidt naar een zekere toekomst. Regelmatig zocht ik hem op (vanaf 1988 tot aan zijn dood op 02 mei 2004) en haalde hij herinneringen op uit zijn rijke leven in het Rooms Katholieken Onderwijs waarmee hij startte in het jaar 1931 in het plaatsje Herveld. Men zou in hoofdmeester W.A. van Steen een voorbeeld weten en moeten zien…..! Trots was hij met het contact dat hij had met de burgemeesters - met name Guusje ter Horst…! - van de stad Nijmegen. Een aantal boeken heeft Wim van Steen op zijn naam staan en in eigen beheer uitgegeven: o.a. “Limericks en Poëzie’ en het “Dagboek van een Schoolvos.”

afb 52. De klas met meester van Steen.

afb 53. Foto 1947 - Zevende klas met meester van Steen.

afb 54. Links: De St. Jansschool nr. 227 en ’t woonhuis van meester W.A. van Steen nr. 30 aan de Groenestraat. 
afb 55. Rechts: De St. Jansschool, stond links van de kerk. Helaas niet te zien op deze foto…! 

afb 55. Schoolplaat Jetses. “De schapenscheerder aan het werk.” - afb 56. Schoolplaat Isings. “Krijgsraad voor den Vierdaagse zeeslag.”

afb 57. Klas zeven met meester van Steen. Voor de schooldeur met rechts nr. 227. Links de “Eerste steen”

afb 58. Schoolplaat Jetses. “Schelpen verzamelen.” - afb 59. Schoolkaart Jetses. “ Het Dorsen”

De immens grote zolderverdieping van de school werd gebruikt voor opslag van boeken e.d. Ik ben er een keer op geweest samen met de meester - welke weet ik niet meer - om nieuw aangekomen boeken op te slaan. Tja…., nieuwe boeken, dat vond ik altijd weer een sensatie, zo stevig gevat tussen de kaft en vooral dat heerlijke welriekende drukinktluchtje dat je neusgaten vulden als je het boek opensloeg. “Met recht: vers van de pers”

De Gymzaal bevond zich aan de achterzijde van het schoolgebouw met uitzicht op de Katholieke Begraafplaats. Bij het binnengaan van de zaal met ruw houten vloer vulde je neus zich met de muffe stoflucht die er altijd hing. Aan de wanden de vele klimrekken, de lange lage springbankjes en de stokken, heel veel stokken in groep verzameld in een hoek van de zaal. De meester gebruikte altijd een stok om tikkend op de houten vloer de maat aan te geven als wij rennend rondjes maakten in de zaal. 

De school had aan de linkerzijde van het schoolgebouw een tweede ingang, van daaruit werden veelal de leerlingen binnengelaten voor de lessen op de eerste verdieping. De hoofdingang werd gebruikt voor het binnen loodsen - met de schoolbel gehanteerd door hoofdmeester van Steen - van de leerlingen van meester Jans, juf Dekkers en meester van Steen. Op deze wijze werd het legioen aan kinderen verspreid binnengeleid voor de les. Het aantal leerlingen in het jaar 1922 was 281 jongens

Ook aan de linkerzijde van de school, stond het “Aloysiusgebouw” wat gebruikt werd voor o.a. toneeluitvoeringen, bijeenkomsten, kerkdiensten en…, filmzaal! Heel bijzonder dat je op zondagochtend de mis bijwoonde om in de avond in de zelfde ruimte - nu geheten de “Corso” - (Curso voor ons jongens…!) de zingende cowboy Roy Rogers (“Rooie Roggers”…!) gezeten op zijn prachtige paard Trigger met de blonde manen aan het werk zag om veedieven te arresteren met op zijn ranch zijn lief Dale Evans. Lachen…! Wat een tijd…! De dierbare jaren’40 - ’50…..

afb 60. Roy Rogers * 1911 - † 1998 - Het paard Trigger staat ‘opgezet’ in het Roy Rogers museum in Branson - Californië.

In 1994 was het Aloysiusgebouw niet meer in gebruik. Het heeft vervolgens een aantal jaren leeg gestaan en is daarna gekraakt door daklozen. Het verblijf van deze gebruikers is enige tijd gedoogd in afwachting van een betere oplossing voor hen. Er brak daarna een tweede periode van leegstand aan, waarbinnen (eind september 1997) het gebouw als gevolg van brandstichting verloren is gegaan. 

‘Het roemloos einde van een school’

Verslag Angeline van der Donk in het boekwerk: “Willemskwartier, levensverhaal van een Nijmeegse wijk”. 

Een felle uitslaande brand in 1980 heeft een belangrijk deel van de voormalige St. Jansschool aan de Groenestraat in vlammen doen op gaan. Vrijwel de hele zolderverdiepingen een groot deel van de bovenetage werden een prooi van de vlammen. De totale sloop van het sinds enige tijd door krakers bezette schoolgebouw lijkt nu de enige oplossing. De heer W.A. van Steen hoofd van de school gedurende 20 jaar met gemiddeld 340 leerlingen schrijft hierover: Daar stonden wij dan bij het solide schoolgebouw, onze St. Jansschool, met vele te kijken naar het instortende dak. Vanaf 1921 hadden hier de heren Dekkers, Puts en hijzelf leiding gegeven aan de jeugd van de Groenestraatsparochie. De school had een rustige plaats tussen kerk en het verenigingsgebouw Aloysius en men kon beide benutten voor allerlei activiteiten. Wanneer je dan die zwarte rook boven het knetterend geweld ziet weggolven, denk je aan die gevulde speelplaats van toen, aan de lokalen waarin je dagelijkse werkvrienden stonden die ieder in hun eigen stijl poogden om aan vele kinderen een aangename en leerzame dagvulling te geven. Enkele collega’s van toen waren getuigen van de brand. “Zij vonden het een trieste afgang en een onverdiend slot van een waardevol bestaan.”

afb 62. Foto 1980 – “Het verval ! “ St. Jansschool op weg naar haar geschiedenis. 
‘ De heilige Sint Jan’ is vanuit het nisje in de nok reeds ten Hemel gestegen…..

Meester Jans en juf Mies Dekkers stierven een paar jaar voor het overlijden van meester van Steen. 

De meesters van Reen, Courbois, van Groenestijn en de La Ruelle waren hen in de vorige eeuw al voorgegaan. Bovenmeester W.A. van Steen was in mei 2004 met recht “De laatste der Mohikanen van de St. Jansschool”.

Wim A. van Steen 
1912 - 2004

“Bovenmeester W. A. van Steen van de St. Jansschool in Nijmegen.” 
W. A. van Steen: “Laat uw leven sober zijn doch vol van feesten.” 

In dankbaarheid zette ik mij neder om mijn “hernieuwde kennismaking” met deze bijzondere mens vanaf het jaar 1988 en onze verdere contact tot aan zijn dood in mei 2004 in den diepe op te schrijven. In het schooljaar 1947-1948 was ik een leerling van meester van Steen in zijn zevende klas. 

afb 63. Foto 1971. St. Jansschool. 

In het najaar van 1988 werd ik gebeld door een broer uit Nijmegen, hij gaf mij te kennen dat er een boekje was uitgekomen met als titel: ’Het Willemskwartier, levensverhaal van een Nijmeegse wijk’. Deze wijk met volkswoningen gebouwd tussen 1917 en 1925 , werden bewoond door arbeiders waarvan de kinderen in hoofdzaak de nabij gelegen St. Jansschool bezochten. Ik heb de eer dat ik op donderdag 08 november 1934 aan de Bilderdijkstraat - ook gelegen in deze wijk - het levenslicht mocht aanschouwen. Drie maanden later verhuisde mijn ouders met mij, twee zusjes en een broertje naar een meer zuidelijk gelegen wijk de ” Hatertscheveldweg “ (nu Muntweg) van de Keizer Karelstad Nijmegen.

In het gesprek met mijn broer gaf hij aan dat er in het boekje over het Willemskwartier een klassenfoto van meester W.A. van Steen staat met mogelijk mijn persoontje in het eerste bankje op de foto…? Hij wist het niet zeker…?Ik was door het dolle heen en maakte meteen een afspraak om dit eens snel te komen verifiëren. 

afb 64. Links: 1931 - Wim van Steen als jong onderwijzer aan de St. Williebrordusschool in Herveld. 
afb 65. Rechts: Meester van Steen als dirigent van een jongenskoor.

afb 66. De zevende klas met meester W.A. van Steen in 1947 
Namen die ik mij herinner v.l.n.r.: 
Theo Mundi, Deetman…?, Frans Ritser, ????, Piet de Jager † , Piet Albers, Cees de Vos, ????, Jan Meuleman, Stomp, Ad van der Velden, Jan Bouwman, Toon de Laat † en Geurt Bauland. 

Tijdens het bezoek aan broer Willie in Nijmegen overhandigde hij mij het boekwerkje en gaf aan dat de klassenfoto op blz. 82 te zien was. Voorshands begon ik vanaf het begin te bladeren wat broertjelief enigszins ongeduldig maakte:”Op blz. 82 staat het….!” Ik: “Rustig mien jong, we houden het lekker spannend…!” 
Bij het omslaan naar de bewuste pagina ging een golf aan adrenaline door mijn lijf bij het zien van de zwartwit klassenfoto uit 1947: “Een wat donker knaapje helemaal vooraan, zijn handjes in alle rust op elkaar en kijkend in de lens van de camera, gestoken in een uit een Engels soldatenuniform gefabriceerd jack door mam gemaakt op haar ‘Singer’ trapnaaimachine met de blonde wat kleffe Fransje Ritser naast hem in het tweezits houten schoolbankje. Als door een wonder werd ik bij het zien van de klassenfoto terug geworpen in de tijd dat ik leerling was aan de St. Jansschool, hier te zien in de zevende klas met meester W. A. van Steen. Ik zag het schoolplein met het zwaar gesmede hek en poort met de enge punten aan de Groenestraat, de rij lindebomen waar we tikkertje omheen speelde en in het voorjaar van de bloesem sjekkies draaide, de schoolbel op de kast bij meester van Steen (vaag te zien op de klassenfoto links van meester van Steen) waarmee hij de jonge heren naar binnen sommeerde na het speelkwartiertje of voor de lessen, het harmonium voor in de klas waar ik stiekempjes op speelde als de meester even de klas verliet, de namen van de andere meesters en één juffrouw die ik zo voor me zie en hun namen weet op te roepen, de muziek, gymles, en verdere lessen, de oorvijg (rechteroor) welke ik van meester van Steen mocht incasseren na mijn wat brutale uitdagende blik mijnerzijds en …, ons schoolreisje!

Extra verheugd met deze klassenfoto van de Katholieke Jongensschool ‘de Sint Jan’ - en nog wel een met meester van Steen - was ik omdat in de tijd dat deze foto gemaakt werd er voor ons arbeiderskinderen uit een groot gezin van elf kinderen niet gegeven was deze te kopen. Wat dat betreft is het allemaal goed gekomen. Eind goed al goed. 

De tijd die volgde na mijn zeven jaren op de St. Jansschool heb ik meester van Steen op afstand enkele keren bezig gezien als dirigent in de Groenestraatskerk, ‘De H. Antonius van Padua’. Een keer zag ik hem de Dobbelmanweg oversteken in de richting van boekhandel Hendrikx, ik moet ongeveer zeventien jaar zijn geweest, meester van Steen herkende mij en groette met een stijf knikje. In december 1957 vertrok ik uit Nijmegen en zocht mijn heil en toekomst in ‘s Gravenhage.

afb 67. Foto: Sportief in Brakkenstein.

afb 68. Wim van Steen als toneelregisseur. Links van Steen.

afb 69. De kleine ‘grote man’ tussen collega’s 
V.l,n.r.: de meesters Boekhorst, van Reen , ??? , Jans, Courbois, van Steen, juf. Dekkers, Jo Rutten….?

Na het boekje wat verder doorgebladerd te hebben opperde ik: “Hoe zal het die man zijn vergaan en …, zou hij nog leven?” Broer Willie: “Ja hoor, hij woont aan de Groenestraat nr.30.” Ik:”Jeetje, daar woonde hij in 1948 ook, ik ga hem opzoeken.” Voorshands vond ik het verstandig hem eerst maar eens te schrijven. Het werd een lange brief waarin vermeld mijn wederwaardigheden in de verlopen veertig jaar. Kreeg snel antwoord middels een evenzo lange brief waarin hij mij beknopt verslag deed van zijn leven. Zijn brief eindigde hij met: “Mijn werkende zeven kinderen komen regelmatig aan maar zo’n leuke reactie van een oud leerling op een gewone ‘door de weekse dag’ is als een oase in een lange dag van stille eenzaamheid.” Ik besloot hem terstond te bellen. Het nummer was snel gevonden en heb toen het ‘schoolhoofd’ van de St. Jansschool voor het eerst van mijn leven gebeld: “Met van Steen…!”, klonk het vastberaden en wat gebiedend door de telefoon. *Op dat zelfde moment begon mijn ‘hernieuwde kennismaking’ na bijna veertig jaar met bovenmeester W.A. van Steen 76 jaar in leeftijd en weduwnaar, zijn lieve vrouw Truus was een kort aantal jaren ervoor overleden aan de ziekte multiple sclerose (ms). Tot haar laatste ademtocht heeft meester van Steen zijn vrouw liefdevol verzorgd in eigen woning.

Tijdens het telefoontje met mijn meester maakte ik me bekend als Cees de Vos, oud-leerling van zijn klas uit het schooljaar ’47-’48. Op de vraag of hij zich mij herinnerde moest hij het antwoord schuldig blijven. Van Steen: “Er zijn mij ook zoveel kinderen de revue gepasseerd, wel dat hij de vosjes zich herinnerde, hij had er een drietal les gegeven in zijn klas.” Ook vertelde ik hem hóe ik wederom op zijn weg was gekomen, dat dit via het boekje over de geschiedenis van het Willemskwartier was gebeurd waarin een klassenfoto met hem als onderwijzer. Op mijn verzoek hem eerdaags eens te bezoeken stemde hij in en we maakte een afspraak.

afb 70. Meester van Steen als voetbaltrainer. Schoolvoetbal St. Jan. Links Arnold van Rijnsoever, rechts Wim, gehurkt, 2e van rechts Frans.

De dag van ‘de ontmoeting’ met meester van Steen: Een zaterdag. De afgesproken tijd: 14.30 uur aan de Groenestraat 30 in Nijmegen. Ruim voor de afgesproken tijd (14.25 uur) parkeerde ik mijn auto pal voor zijn deur. Mijn eerste blik op het huis gaf mij het gevoel dat meneer niet thuis was, alles zag er vreemd rustig uit, na veertig jaar had ik op zijn minst een op de uitkijk staande meester voor het raam verwacht..? Niks daarvan. 
Ik belde aan en …, belde nog maar een keer, geen teken van leven van mijn meester. Even vroeg ik me angstig af: ‘Is het wel de afgesproken zaterdag?’ Dan nog maar even wachten in mijn auto, uiteindelijk wijst de klok nog geen 14.30 uur..! Na tien minuten zie ik in mijn binnenspiegel een withoofdig gebrild klein menneke op de fiets naderen - onmiskenbaar meester van Steen - en terwijl hij zijn tuin zwierend indraaide wierp hij een ietwat misprijzende blik in de richting van mijn auto, zo van: ‘Ik ken die wagen niet, wat doet die voor mijn deur?’ In alle rust stapte ik uit mijn auto, liep langzaam het grintpad op richting zijn garage waar meester van Steen bezig was zijn fiets op te bergen. Toen ik hem tot op zo’n vijf meter was genaderd - van Steen nog gebogen over zijn fiets - sprak ik hem met overtuiging toe: “Da’s me nou ook een mop, hebben we veertig jaar geen contact gehad, spreken we af om 14.30 uur en is meneer om die tijd niet thuis!” Hij draaide zich langzaam om, kijkt me wat verbaasd aan en vervolgt dan heel rustig met: “Dag Ceesje, leuk dat je er bent, heb je een goede reis gehad…?, kom snel mee naar binnen zet ik een lekker bakkie koffie!” In huis maakte we nader kennis en braakte hij los over zijn 46 jarig leven als schoolmeester in drie scholen: start in de St. Williebrordusschool in Herveld, volgend de St. Jansschhool in Nijmegen (20 jaar) om zijn lange onderwijsleven te eindigen bij de Gabriëlschool in Brakkestein. Verder sprak hij in liefde over zijn vader en grootvaderschap over zeven kinderen en vele kleinkinderen. Ook het trieste verloop en lange ziekbed van zijn vrouw kwam uitgebreid ter sprake: hoe hij haar tot het laatst heeft verzorgd in eigen huis met hulp van de kinderen en tegen het einde van de Thuiszorg. Vooral die laatste jaren waren heel zwaar, zijn motto was hier: “Ora et Labora = Bid en Werk.” 

Zo zocht ik hem in de loop van het jaar een aantal keren op en van daaruit ontsprong het idee om buiten hem om in 1989 een reünie te organiseren met een aantal jongens uit mijn klas afgebeeld op de klassenfoto uit 1947. Dat was nog niet zo makkelijk om vanuit Soest in Nijmegen mensen op te graven die ik ook in geen veertig jaar had gezien of gesproken. Veel telefoontjes en brieven gingen over en weer tot ik aan het slot een zestal jongens bereid had gevonden om mijn spelletje mee te spelen. We spraken af dat we kozen voor een zaterdagmiddag. Ik maakte als gewoonlijk een afspraak met mijn meester dat ik weer eens ‘op bezoek’ zou komen zonder erbij te vertellen dat dit voor hem een gedenkwaardig bijeenkomst zou gaan worden en het ietsje anders zou uitpakken dan hij van mij gewend was. Ik gokte er maar op dat hij het aankon en…kon waarderen…? 

‘Om hem niet opgelaten te laten voelen niets in huis te hebben’, had ik vooraf het een en ander aan knabbeltjes, drankjes, stukjes kaas en worst ingeslagen en het geheel in een grote boodschappentas opgeborgen. Aan de jongens uit mijn klas had ik gevraagd elk een flesje wijn voor meester van Steen mee te nemen en verder met hen afgesproken dat zij zich na 14.30 uur zouden melden aan het huis van meester van Steen waarna ik ze binnen zou laten, ik zou dan een half uur eerder bij de meester zijn om hem voor te bereiden hetgeen gebeuren ging. 

Op die bewuste zaterdagmiddag belde ik om 14.00 uur aan bij W.A. van Steen. Aan de voordeur richtte hij meteen zijn blik richting mijn opgebolde boodschappentas en vroeg: “Zo zo, wat een volle tas, wat moet je daarmee..? Ik: ‘”Dat zal ik u zo uitleggen, laten we maar snel naar binnen gaan!” In de voorkamer toonde ik hem de klassenfoto uit 1947. ‘Kijk meester van Steen, een aantal van deze jongens - ik noemde hun namen - uit mijn klas komen over een klein half uur op de visite laten we daarom even snel deze twee tafels tegen elkaar schuiven met wat stoelen er om heen zodat we gemakkelijk zitten en ons zegje kunnen doen.’ Wim van Steen wat hakkelend: “Ja maar…, ja maar…., ik heb niets in huis Ceesje, hoe moet dat dan?” Ik: “Kijk meester van Steen, dáár is voor gezorgd, zit allemaal in deze tas!” Ik sprak met meester van Steen af dat ik de jongens binnen zou laten om hen vervolgens in de woonkamer aan hem voor te stellen. Ging hij mee akkoord en het was nu wachten op de eerste oud leerling die zich zou melden. Op de afgesproken tijd ging de bel en arriveerde de eerste mensen. Na verloop van een kwartier zaten er zestal oud-leerlingen geschaard rondom de twee tafels en startte meester van Steen beurtelings met het informeren naar de geschiedenis van zijn leerlingen uit een grijs verleden. Het is heel vreemd als je mensen na zoveel jaren weer in de ogen ziet, de verandering is immens en toch doet zich het merkwaardige verschijnsel voor dat de herkenning heel langzaam tot je komt, alsof de mist langzaam optrekt, zoals je wendt aan een plotseling donker gemaakte ruimte en je na een tijdje de dingen om je heen weer herkend: heel duidelijk kwamen de jongenskoppies uit de jaren ’40 te voorschijn in mijn gedachtewereld. Al met al werd het een bijzondere bijeenkomst en om onze meester niet al te vermoeien, tenslotte was hij al 77 jaar, namen de jongens - inmiddels startende opa’s - na een uur of twee genoeglijk samenzijn afscheid van hun oud-schoolmeester W.A. van Steen. Ik bleef nog wat na om alles weer op orde te brengen in zijn huiskamer. Aan de deur nam hij zeer ontroerd afscheid van mij met: “Ceesje toch, wat heb je mij hiermee een plezier gedaan, heb een goede reis terug naar Soest en ik hoop je snel weer te zien bij een volgend bezoekje aan mij!” 

In het voorjaar van 1990 maakte meneer van Steen tijdens een uitvaart van een oud collega kennis met de nimmer getrouwde Corrie Vermeeren evenzo werkzaam geweest in het onderwijs. Er volgde vriendschap met als resultaat een huwelijk op 17 maart 1990. Voor Wim zijn tweede en een eerste voor Corrie. Hij verkocht zijn huis aan de Groenestraat 30 , trok in aan de van Spaenstraat nr. 1 en vleide zich neder in het liefdesbedje naast zijn geliefde Corrie. Op de receptie van het huwelijk was het een komen en gaan van familie, vrienden en mensen uit het onderwijs die ‘het lieve bruidspaar op leeftijd’ kwamen feliciteren. Trots was meester van Steen bij het zien van mij en broer Willie die meegekomen was. Meester van Steen wijzend naar mij: “Kijk nou toch eens, Ceesje de Vos, die komt helemaal uit Soest om ons te feliciteren!” In de jaren die volgde bezocht ik het stel een paar keer per jaar aan de van Spaenstraat. Ze waren intens gelukkig met elkaar, deelde hobby’s als schrijven, lezen, toneel en muziek. Meester van Steen speelde piano en Corrie was jaren lid van een toneelvereniging geweest. Het regisseren van amateurtoneelgezelschappen en het geven van gymlessen op div. scholen waren een der vele taken en hobby’s van meester van Steen in zijn onderwijs jaren.

afb 72. Meesters laatste onderwijsjaren in Brakkenstein: ”De Gabriël school.” vlnr: Jo Stinnissen, Ben Jansen, Jo Rutten, Wim, Toon Vullings, Ton Leeman, Attiue Duret, pater Ben Janssen.

Zo mocht meester van Steen een jaar of tien innige liefde delen - “Breken en Delen”, naar van Steen - met zijn Corrie tot dat ook zij zwak en ziek werd. Wederom verzorgde hij zijn bruid en bezocht hij haar in der laatste twee levensjaren zo goed als elke dag in een verzorghuis ‘Dekkerswald’ in Groesbeek tot aan haar dood in 2003. Een aantal keren heb ik samen met meneer van Steen Corrie bezocht in dit verpleeghuis. Haar uitvaart heb ik met een oudleerling in de Groenestraatskerk bijgewoond.

Een aardige anekdote nog: 

Het gebeurde in de jaren dat Corrie haar laatste jaren (2001-2003) sleet in het verpleeghuis in Groesbeek. Het werd weer eens tijd dat ik mijn meester - die weer alleen woonde, nu aan de van Spaenstraat nr.1 - een bezoekje zou gaan brengen. Ik belde voor een afspraak en gaf aan dat hij - na al die jaren nieuwsgierig geworden ook wel eens wilde weten hoe ik hier in Soest woonde…? Hij was maar al te trots dat hij een oud-leerling in ‘Soestdijk’ had wonen. Ik stelde voor dat ik hem in de loop van de ochtend zou ophalen om hem tegen de avond weer thuis te brengen. Vond hij goed……. Als gewoonlijk kocht ik een bos bloemen voor zijn Corrie. Bij zijn huis aangekomen - hij zat altijd voor het raam op ‘den uutkiek’ - werd ik door hem verwelkomd aan de voordeur. De bos bloemen nam hij in dank aan en leidde me naar de keuken…? Van Steen: “Daar is het knus en lekker warm!” Tijdens drinken aan de keukentafel van een kopje koffie begon ik over ons reisje naar Soest…. Hij keek me verwonderd aan en vroeg wat onzeker: “Hoezo, we gaan zo naar Soest, wat bedoel je daarmee..?” Ik niet minder verbaasd over zoveel onbegrip: “Dat hebben we gisteren toch afgesproken, ik zou u nu oppikken en vanavond op tijd weer naar huis brengen?” Van Steen totaal ontredderd: “Och Ceesje, wat doe je me aan, sorry, dat heb ik verkeerd begrepen, zo’n lange reis, dat wordt mijn dood!” Nooit eerder heb ik enige onzekerheid in deze ‘meestermens’ gezien nu straalde het van hem af en ik zag me genoodzaakt mijn plannen snel te wijzigen en de blommen maar samen met hem naar zijn geliefde zieke Corrie in Groesbeek te brengen. Hij slaakte een zucht van verlichting bij het aanhoren van mijn gewijzigd voorstel. Het werd toch nog een mooie dag. Aan het ziekbed van Corrie heb ik het prachtige gedicht uit mijn hoofd van Henriëtte Roland Holst voorgedragen: 

De zachte krachten zullen zeker winnen
in ’t eind - dit hoor ik als een innig fluistren
in mij: zoo ’t zweeg zou alle licht verduistren,
alle warmte zou verstarren van binnen.

De machten die de liefde nog omkluistren
zal zij, allengs voorschrijdend, overwinnen,
dan kan de groote zaligheid beginnen
die w’ als onze harten aandachtig luistren

in alle teederheden ruischen hooren 
als in kleine schelpen de groote zee.
Liefde in de zin van ’t leven der planeten
en mensche’ en diere’. Er is niets wat kan storen
’t stijgen tot haar. Dit is het zeekre weten:
naar volmaakte Liefde stijgt alles mee.

Henriette Roland Holst 1869-1952

Drie mensen waren zichtbaar ontroerd.

Na het overlijden van Corrie in 2003 bleef een bijna ontroostbare Meester W. A. van Steen achter in het grote herenhuis aan de van Spaenstraat. Tobbend met veel ouderdomskwaaltjes hield hij zich staande met schrijven en gedichten maken. Van Steen: “Mijn eenzaamheid zweeft als een gebed door de stilte.” Op de achterzijde van de enveloppe van een der brieven aan mij schreef meester van Steen: “Schrijven is voor mij de zalf op de wonde der eenzaamheid.” Een groot aantal brieven zijn in de loop der jaren mijn richting op gekomen. Het moeten eenzame dagen voor hem zijn geweest bij het gemis van zijn geliefde Corrie. 

Op 08 mei 2004 zou meester van Steen 92 jaar worden en naar aanleiding daarvan wilde ik hem bezoeken. Ruim een week voor deze datum belde ik mijn meester. Ik kreeg een zijner dochters aan de lijn en hoorde dat het niet goed ging met vader. Ik vroeg haar of ik haar vader kon bezoeken? Daarop hoorde ik op de achtergrond een snikkende meester: “Nee…, nee…, moet hij niet doen, moet hij niet doen, heeft Ceesje niets aan!” De dochter naar mij:”Je hoort het Cees, hij kan het niet aan.” Drie dagen na dit gesprek kreeg ik een telefoontje van Geurt Bauland een leerling uit mijn klas, dat bovenmeester Wim A. van Steen was overleden op 02 mei 2004.

Tijdens de uitvaartmis in de Groenestraatskerk - zijn kerk - was het Godshuis tot aan de laatste bank bezet, er werd prachtig gezongen door het koor en gemusiceerd door zijn kinderen. 

Meester van Steen rust in eeuwigheid tussen: “Waar eens zijn school stond en de Groenestraatskerk”.

Zijn twee geliefde vrouwen Truus en Corrie rusten naast en met hem. 

Wim A. van Steen 1912 - 2004

Avé, Bovenmeester W.A. van Steen. 

Mijn wens: 

Dat ‘ oudleerlingen’ van de St. Jansschool en ‘andere geïnteresseerde’ middels een “reactie” reageren op mijn verhaal. Maak er een gedenkwaardig “Kettingverhaal” van.

Bronvermelding:

- Info en wat foto’s over de ‘Bewaarschool’ en de ‘ St. Jansschool’ heb ik uit het boekje:
“Willemskwartier - Levensverhaal van een Nijmeegse wijk” geschreven door Angeline van der Donk. 
- En uit het boekje “Kijk op de wijk”, ook van de hand Angeline van der Donk. 
- Verder heel veel van boven meester W.A. van Steen persoonlijk…!
- De Schoolplaten Jetses en Isings komen van Internet. Bron: Antiquariaat ‘De kantlijn’ Bredevoort.
- De spelletjes komen uit mijn hoofd dwarrelen.
- Plaat “Kinderspelen” - Pieter Bruegel van Wikipedia

Cees de Vos

Soest, november 2008
E: iviedhouse@hetnet.nl

Klik hier als u een reactie wilt geven op deze pagina of die van anderen wilt lezen.

Reactiepagina
Reactie 1:

Theo Toonen, 12-10-2016: ik heb denk ik rond 1968 daar op school gezeten en zou graag daar foto's van zien. Alle leerlingen kregen toen een fotoalbum met de klasgenoten o.a J. Willems, Sjonnie van Haarlem, Gerrie Vos, W. Peeters. Zou ik toch blij mee zijn om een keer terug te zien.

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: